zondag 15 januari 2023

Ontwapening was gisteren


Ontwapening was gisteren’. Dat is hoe de Duitse pers de carrièrewending omschreef van Rolf Mützenich, de parlementaire leider van de ‘Sozialdemokratische Partei Deutschlands’ (SPD) in de Bundestag. Sinds de Russische invasie in Oekraïne heeft de politicus, bekend van zijn inzet voor wapenbeheersing, helaas heel wat gevechten verloren. En het gaat verder dan de Duitse doorvoer van wapens naar Oekraïne. Zo zijn er ook de wapenexporten naar Riyad, ondanks het feit dat de Saoedi’s betrokken zijn bij een oorlog waarin al 377.000 Jemenieten stierven. Zelfs de Duitse Groenen zijn van standpunt veranderd wat de verkoop van wapens aan Mohammed bin Salman betreft.

Op binnenlands vlak moest Mützenich de aanschaf accepteren van gewapende drones door de Bundeswehr. Mützenich werkte twee decennia onvermoeibaar voor vrede en ontwapening, maar nu moet hij voor zijn partij de parlementaire goedkeuring bewerkstelligen voor de aanschaf van zware wapens en de grootste Duitse herbewapingsronde sinds de Koude Oorlog. 

Het Duitse Persagentschap ‘Deutche Welle’ publiceerde een overzicht van de waarde van de militaire leveringen door Europese landen aan Oekraïne in 2022 (tot november). Het totaalbedrag kwam op 27,5 miljard euro. Sinds november zijn er een aantal nieuwe beslissingen bij gekomen. In december 2022 berekende Al Jazeera het bedrag van 93,6 miljard euro (100 miljard dollar) voor militaire transfers vanuit de EU naar Oekraïne. Dat is minder dan het totaal van 110 miljard dollar dat de vier militaire steunpaketten van Washington omvatten, maar ook Europa voert zijn bijdragen op.

Nederland besloot in december bijvoorbeeld tot een steunpakket van 2,5 miljard euro voor Oekraïne (voor militaire steun, kritieke herstelwerkzaamheden en de strijd tegen straffeloosheid). De lijst van (geplande) zendingen is lang. Frankrijk wordt het eerste Westerse land dat tanks levert aan Oekraïne en Italië stuurt meer luchtafweerraketten. Maar de belangrijkste ontwikkeling in de duizelingwekkende hoeveelheid militaire steun voor Oekraïne is het recente voorstel van de VS-afgevaardigden om 45 miljard dollar aan hulp te doneren – bijna 20% meer dan waar de Biden-regering om had gevraagd. Beleggers voorspellen voor de komende jaren sterke prestaties van de militaire industrie. Het Duits militair bedrijf Rheinmetall maakt al gigantische winsten op de beurs en sommigen schatten dat de waarde van de tien grootste militaire bedrijven ter wereld maar liefst met 98 miljard dollar gestegen is als gevolg van de oorlog in Oekraïne. 

Een ander effect van de Russische militaire agressie zijn de groeiende militaire budgetten van de lidstaten van de Europese Unie sinds 2014. Het Europees Defensieagentschap, het EU-orgaan dat de Europese wapenprojecten moet stroomlijnen, publiceerde onlangs zijn jaarverslag. De defensie-uitgaven van de EU overschrijden voor het eerste de 200 miljard euro, aangedreven door recordinvesteringen in defensie. In 2021 bedroegen de EU defensie-uitgaven 214 miljard euro – een stijging van 6% ten opzichte van 2020 en het zevende jaar op rij van groei.

Van deze uitgaven zal het enorme bedrag van 43 miljard euro worden besteed aan de aanschaf van materieel. Nooit eerder was het aandeel van materieel in de totale militaire uitgaven (waaronder ook salarissen, onderhoud, revisie, gebouwen en operationele kosten bijv. voor brandstof vallen) zo hoog. Het is zelfs iets hoger dan de NAVO-doelstelling om 20% van het totaal defensiebudget te spenderen aan materieel.

De online publicatie ‘Breaking Defense’ concludeerde in haar vooruitblik op 2023 dat de Europese defensie-uitgaven “geen lachertje meer zijn”. Terwijl Rusland -niet zonder reden- geportretteerd wordt als militair zwak, wordt het aan de andere kant gebruikt als een belangrijk argument om de militaire investeringen en productie in Europa op te drijven. De secretaris-generaal van de NAVO, Stoltenberg, roept op tot een verhoging van de munitieproductieniveaus om de voorraden van de NAVO-landen op peil te houden en Oekraïne te steunen. 

Het vredesdivident – de verlaging van militaire investeringen vanwege het einde van de Koude Oorlog in de late jaren 1980 en het begin van de jaren 1990- verdween al gauw en veranderde in een forse stijging van de defensie-uitgaven na de hoogtechnologische Golfoorlog van 1990-91. Daarna werden hoge defensie-uitgaven gelegitimeerd door de oorlog tegen terrorisme, met zijn grootschalige militaire operaties in Irak en Afghanistan. Deze consistent toenemende militaire uitgaven werden een halt toegeroepen door de economische crisis van 2007-2008, waarna ze nagenoeg op hetzelfde peil bleven tot 2014, toen Rusland de Krim annexeerde en de NAVO zijn doelstellingen van hogere militaire uitgaven vastlegde op een top in Wales.

Terwijl men het publiek de perceptie geeft van een ondergefinancierde krijgsmacht waren de militaire investeringen na 2014 al snel even hoog als op het hoogste punt tijdens de Koude Oorlog (gecorrigeerd voor inflatie). Na februari 2022 kreeg het beleid van groeiende militaire investeringen helemaal de wind in de zeilen. De NAVO vatte het als volgt samen: “Sinds de grootschalige aanval van Rusland tegen Oekraïne in februari 2022 heeft een meerderheid van de bondgenoten toegezegd meer en sneller te investeren in defensie”. Dit ondanks het feit dat de NAVO al vele malen meer spendeert dan Rusland (zie grafiek). De huidige situatie wordt gebruikt om de militaire uitgaven nog verder op te drijven, ten koste van de samenleving.



Terwijl de militaire uitgaven van de NAVO opnieuw het recordniveau van de Koude Oorlog hebben bereikt, ontbreekt het volledig aan wapenbeheersing. In de patstelling tussen Oost en West van de vorige eeuw besloten de strijdende partijen uiteindelijk een beleid van wapenbeheersing en ontwapening te beginnen. Momenteel lijkt Europa zich vrijwel uitsluitend te richten op een militair antwoord op de inval in Oekraïne, de massale wapenleveringen zijn daar de meest zichtbare uiting van. 

De Duitse academicus Herbert Wolf stelde onlangs dat het ontbreken van een wapenbeheersingsbeleid in combinatie met de huidige militaire escalatie een zeer gevaarlijke situatie creëert. Volgens Wolf moet het beheersingsbeleid opnieuw op gang gebracht worden, ondanks de moeilijke internationale situatie. Dus haal de diplomaten van onder het stof. De wereld heeft dringend behoefte aan samenwerking om de grootste dreiging van allemaal aan te pakken – niet Moskou of Beijing, maar de klimaatverandering die onze gemeenschappelijke toekomst de keel toe nijpt. 

De oproepen om de EU-wapenproductie structureel te verhogen gaan voorbij aan het feit dat de aanvoer van Westerse wapens naar Oekraïne een uitzonderlijke situatie is. We bevinden ons midden in een grote oorlog en de steun voor Kiev is enorm. Als we de 43 miljard euro die de EU-lidstaten samen jaarlijks spenderen aan binnenlandse militaire aankopen, vergelijken met de (tot nu toe) 110 miljard VS-steun, plus de meer dan 10 miljard EU-steun voor de Oekraïense militaire strijdkrachten, dan blijkt hoe enorm deze steun is. Eens te meer omdat de duurste wapensystemen, zoals gevechtsvliegtuigen en grote marineschepen, geen deel uitmaken van het steunpakket. Er zit een grens aan de munitievoorraden. Maar het zou vreemd zijn als de huidige buitengewone vraag naar wapens niet zou leiden tot tekorten.

De extreme focus op een militaire benadering van veiligheid is op lange termijn zeer gevaarlijk. Nieuwe militaire capaciteiten zijn misschien moeilijk te creëren, maar het is nog moeilijker om ze af te bouwen. Door een structureel verhoging van de militaire productiecapaciteit – bovenop de stijging van de voorafgaande jaren- omwille van de – tijdelijke – ramp die de oorlog in Oekraïne is, zullen wapens en krijgsmacht een centralere plaats krijgen in onze eigen samenlevingen. Dat is misschien goed voor de krijgsmacht en de militaire industrie, maar het is niet goed voor onze gemeenschappelijke mondiale veiligheid. Die is meer gebaat bij diplomatie, wapenbeheersing en wereldwijde stappen in de richting van ontwapening.

Een Engesltalige versie van dit artikel verscheen eerder op de site van Stop Wapenhandel en is vertaald door het Belgische Vrede.