Posts tonen met het label democratie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label democratie. Alle posts tonen

maandag 13 mei 2013

Verzet is onmisbaar voor een democratie

‘Democratie is geen toestand maar een beweging die nooit kan eindigen’, aldus filosoof en activist Thomas Decreus. ‘Concreet betekent dit dat we het democratische van de democratie moeten vereenzelvigen met het moment van strijd en verzet.’

De schrijver van Een paradijs waait uit de storm beweert dat zijn boek niet als een politiek pamflet omschreven mag worden, maar dat is het wel degelijk. De vragen die hij de revue laat passeren zijn het logische gevolg van politiek handelen en dienen daar inhoud aan te geven.

Auteur en filosoof Thomas Decreus was een van de organisatoren van de ‘grote onvrede’ SHAME-demonstratie van januari 2011 in Brussel. Samen met een paar collega-studenten wist hij binnen korte tijd 35.000 mensen op de been te brengen voor een protest tegen de stilstaande Belgische politieke klasse. Decreus gaat in zijn boek op zoek naar het karakter van deze storm, naar een manier om dichtbij het paradijs te geraken zonder daar ooit aan te komen. Hij stelt dat verzet onmisbaar is voor een beginnende democratie. Tegelijk is hij de mening toegedaan dat democratie nooit bereikt zal worden, maar continu wordt bevochten.

Markt en staat

Decreus onderzoekt allereerst het grootste probleem: het marktdenken. Het systeem van de vrije markt of neoliberisme – hij gebruikt deze termen door elkaar – is zo dominant dat een alternatief bijna ondenkbaar lijkt. Net als velen verbaast hij zich erover dat dit systeem – ondanks het enorme falen in de afgelopen jaren – nog steeds grotendeels intact blijkt te zijn.

Decreus begrijpt dat de markt als een ideaal organisatiemodel wordt gezien, beter functionerend dan de overheid. ‘Tegenover een traag werkende en verticaal gestructureerde bureaucratie, die bovendien op een systeem van controle en discipline is gebaseerd, oogt de markt inderdaad als een begerenswaardig alternatief. Althans in theorie.’

Hij weigert echter onderscheid te maken tussen staat en markt. De staat versterkt in een onderlinge strijd en middels samenwerking de kracht van de markt. De staat beschikt over een geweldsmonopolie om de naleving van contractuele verplichtingen te garanderen en sociale onvrede de kop in te kunnen drukken. Op internationaal vlak hebben grote staten middels EU, NAVO, het IMF, de VN en de G8/G20 hun macht ten opzichte van de kleineren versterkt. Decreus vat het als volgt samen: ‘Vrijmaking van de handel leidde niet tot het verdwijnen van de politieke macht, maar wel tot een vrij radicale reorganisatie van de centra van de politieke macht.’

Dit lijkt me geen nieuw gezichtspunt. De relatie tussen markt en staat is al vanaf het begin van het kapitalisme een gegeven. Profits from power heet het prachtige standaardwerk van Frederic C. Lane over het vroege kapitalisme en de relatie tussen staat, bankiers en het economische systeem. Winsten werden weer geïnvesteerd in nieuwe militaire slagkracht voor de staat.

En zo is dat nog steeds (met enige verschuivingen naar private bedrijven die toegang krijgen tot een deel van het geweldsmonopolie, nu sommige militaire taken geprivatiseerd worden). De macht is gedeeld: de ene keer ligt de staat boven, een andere keer de grote ondernemer.

Politiek

Het kapitalistische systeem blijkt sterk. Crises worden overwonnen en in het voordeel omgebogen. ‘Of en hoelang dit nog zal lukken, is een vraag die moeilijk a priori te beantwoorden is, omdat het afhankelijk is van ons eigen politiek handelen’, schrijft Decreus. Hij neemt daarmee afstand van het marxistisch determinisme, dat stelt dat het kapitalisme vanzelf aan zijn eigen tegenstellingen ten onder zal gaan.

Bij Decreus komen veranderingen voort uit handelen. Dat dit handelen noodzaak is, onderstreept hij met een bekend voorbeeld: de farmaceutische industrie ontwikkelt voor veel geld dure medicijnen, maar een probleem als malaria, dat voor komt in arme gebieden, wordt niet getackeld omdat deze patiënten niet kapitaalkrachtig zijn. De markt kan dit soort problemen niet oplossen.

‘Door de markt aan zichzelf over te laten wordt het klassieke democratische ideaal van machtsgelijkheid dus onmogelijk gemaakt’, stelt de filosoof dan ook vast. Democratie betekent niet alleen gelijkheid van het individu, maar ook de mogelijkheid voor een ieder om zich te kunnen ontplooien. Om dat te bereiken moet niet het private domein leidend zijn, maar het publieke. Dat moet politiek geregeld worden: ‘Iedere economische ordening [is] steeds het resultaat van politieke besluitvorming.’

Invloed

Waarom heeft in het huidige systeem de burger geen invloed? Dat is het thema van een hoofdstuk met de ietwat pedante titel ‘Electieve aristocratie’. Hierin neemt Decreus de visie op de korrel dat democratie hetzelfde zou zijn als verkiezingen. Hij speelt daarmee in op een groeiende onvrede over verkiezingsbeloften die vrijwel stelselmatig worden gebroken en dat de stemmende burger vervolgens het nakijken heeft. Decreus is van mening dat verkiezingen ondemocratisch zijn. Mensen die veel weten, kunnen of hebben, zijn in het voordeel ten opzichte van hen met minder mogelijkheden. Niet stemmen dus maar loten. Dit, plus het beperken van bestuurlijke functie in tijd, zal ons democratie brengen. Bovendien leidt een systeem van loting ertoe dat het nuttig en noodzakelijk is iedereen uitvoeriger te scholen en te betrekken bij politiek en maatschappij, waardoor men uit kan groeien tot een volwaardig burger.

Zwak punt aan deze redenering is dat ik niet voor een persoon kies maar voor een idee zodra ik het stembureau bezoek. Bovendien geloof ik wel degelijk in het gegeven dat voor ‘de bepaling van het algemeen belang speciale vereisten en talenten’ veronderstelt mogen worden. Zeker als je die ook nog eens in de praktijk moet vormgeven. Niet iedereen kan besturen.

Gelukkig ziet Decreus ook voordelen aan verkiezingen: ‘Het heeft inderdaad bijgedragen tot emancipatie van grote bevolkingsgroepen en het heeft een politieke en sociale beweging zonder weerga ingezet.’ Toch blijft hij erbij dat men verkozen wordt op grond van rijkdom. Niet enkel in financiële zin, maar ook de mogelijkheid om jezelf op informele wijze een plek te verwerven binnen een partij, en ‘netwerken is een elitaire bezigheid.’

Hij trekt dit vervolgens door naar de stelling dat er geen echt onderscheid is te maken tussen politieke en economische elites. Dat klopt misschien grotendeels, maar het is geen wet van Meden en Perzen. De SP was – zeker in de begintijd van haar aanwezigheid in Den Haag – een partij die liet zien dat het ook anders kan. Ze bracht een schilder met enkel lagere school opleiding in de Kamer die het jarenlang volhield. Weliswaar op grond van actievoeren – en daardoor status – binnen de partij, maar het was wel een afwijking van het gangbare.

Volgens mij richt Decreus zijn pijlen hier dan ook verkeerd. Er zouden inderdaad meer mogelijkheden moeten zijn voor het actief meebesturen en meedenken over zaken als inrichting van de publieke ruimte, werk etc. Met andere woorden, meer opleidingsplaatsen voor actieve democratie zodat meer mensen kansen zullen krijgen. Maar door op theoretische wijze de parlementaire democratie om te leggen door deze per definitie te bestempelen als zijnde aristocratisch, heeft weinig zin. Sterker nog, het is onjuist.

Conflicten

Er is iets fout aan een systeem indien binnen een democratie zaken worden opgelost middels dialoog, zo stelt Decreus. Politiek bedrijven impliceert conflicten. Tegenstanders staan blijvend tegenover elkaar omdat nu eenmaal niet alle conflicten door dialoog zijn op te lossen. Dat gebeurt door strijd.

In Nederland wordt er gejuicht als er weer eens een compromis is bereikt tussen overheid, werkgevers en werknemers. Dat er hierbij sprake is van een fundamentele belangentegenstelling, wordt niet of nauwelijks benoemd. Ook niet dat de kloof tussen rijk en arm groter wordt en dat zorg voor de armen onbetaalbaar en voor de rijken bijgekocht kan worden.

Decreus is geen voorstander van een constante strijd tussen partijen: ‘Dit is ook waar het in politiek in essentie om draait: het komt erop aan om machtsconflicten tussen tegengestelde maatschappijvisies enigszins ordentelijk te laten verlopen, maar niet noodzakelijk op te lossen.’ Dit is een redelijk, maar vooral ook duidelijk standpunt. Het opent ook de weg voor een zoektocht naar methoden om het machtsspel te kunnen spelen en de sterkte ter linkerzijde van het politieke spectrum te vergroten.

Wat Decreus betreft betekent dit allereerst een strijd voor meer democratie: ‘Er is geen eindpunt van de strijd: iedere nieuwe (democratische) orde zal leiden tot potentieel nieuwe, niet te anticiperen ongelijkheden die op hun beurt opnieuw moeten worden bestreden. Hieruit volgt dat democratie geen toestand is, maar een beweging die nooit kan eindigen. [...] Concreet betekent dit dat we het democratische van de democratie moeten vereenzelvigen met het moment van strijd en verzet.’ Dit lijkt me de centrale stelling van het boek. Decreus noemt vakbonden en sociale wetgeving als voorbeelden van de democratische gevolgen van strijd. Je kan ook feminisme en anti-racisme noemen, of de anti-kernenergie beweging en het feit dat er geen kerncentrales meer bij worden gebouwd.

Verzet onmisbaar

In het laatste hoofdstuk wordt stevig doorgedacht over het gegeven waarom verzet voor een democratie onmisbaar is. In eerste instantie lijkt de norm dat je niet moet tornen aan wat democratisch besloten is veel logischer. De activist Decreus stelt dat het gewelddadig overtreden van rechtsregels nieuwe rechtsregels creëert.

Verzet is een remedie tegen machtsongelijkheid. ‘Bijgevolg kan een systeem pas democratisch worden genoemd als het openheid laat voor verzet (tegen zichzelf).’ Hij beargumenteert dat het niet alleen wenselijk is, maar zelfs noodzakelijk om politieke besluiten door acties overhoop te gooien.

Een paradijs waait uit de storm is een prachtig boek voor beginnende, maar ook ervaren activisten. Je krijgt in een notendop veel vragen en antwoorden waarmee je het al dan niet eens kunt zijn. Decreus sluit af met een opdracht: ‘Markt en democratie moeten opnieuw als onverzoenbare tegenstellingen tegenover elkaar worden geplaatst. Zolang dit niet gebeurt, zal democratisch links niet uit haar as herrijzen.’ En dat voor een essay dat stelt niet politiek te zijn.

Geschreven voor Ravage Webzine



titel Een paradijs waait uit de storm; Over markt, democratie en verzet
auteur Thomas Decreus
uitgever EPO, 2013
uitgave Paperback, 160 pagina’s
isbn 978 94 91297 33 5
prijs € 15.00

Zie ook andere besprekingen via de site van EPO

woensdag 9 januari 2013

Mijn losse-Syrië-wapens-flodders en signaleringen her-en-der

On this blog information is collected about arms in Syria and neighbouring countries and cartoons are used as illustrations. Broekstukken is not agreeing with all text and pictures, but reproducing them as a service to readers.


Syria: how we can end the bloodshed
Israel's attack on Syria shows how volatile this conflict is. A political solution is now urgent, by  The Guardian




Russia will on Tuesday land two planes in Lebanon to evacuate more than 100 of its citizens from Syria, in a significant blow to the credibility of Bashar al-Assad’s regime.

Along with Iran, Russia has been the main ally of Mr Assad since the start of the conflict in March 2011. It has remained Syria’s biggest arms supplier and maintained a small naval base on Syria’s Mediterranean coast at Tartus. Moscow has routinely used its veto power at the United Nations Security Council to shield his regime from sanctions.

Alex Spillius, Diplomatic Correspondent and Tom Parfitt in Moscow, 'Russia to evacuate citizens from Syria,' The Telegraph 22 januari 2013.



While the Al-Nusrah Front has influence in the rural areas of Aleppo and Idlib, the Aleppo-based Al-Faruq Brigades is considered one of the most important Syrian fighter factions "owing to the heavy arms it had seized from the 46th Regiment, which fell under the control of the opposition two months ago," according to leading sources close to Al-Faruq [Brigades]. Sources have told Al-Sharq al-Awsat that this battalion "possesses [Russian-made anti-tank] Metis missiles. It fired some of them on the Police Academy during the last battle at the academy, under the leadership of Captain Ammar Sa'd-al-Din. It also has the 130-mm Howitzers. It took part in shelling the Idlib-based Taftanaz Military Airport during the siege before the airport was taken over yesterday."

Assassination of key Syrian rebel figure draws fears of infighting, Text of report by Saudi-owned leading pan-Arab daily Al-Sharq al-Awsat website on January, Supplied by BBC Worldwide Monitoring, January 18, 2013





Lebanon minister’s convoy attacked, 11 wounded
January 18, 2013 12:25 PM (Last updated: January 18, 2013 06:45 PM)
By Misbah al-Ali
The Daily Star



The Army has deployed in the area on several occasions over clashes between supporters and opponents of the Syrian government, but Charbel said the “issue was bigger than the military, security forces and the Lebanese government.”

In an earlier chat with reporters at Karami's residence, Charbel said political cover should be lifted from gunmen in the city.

“When [political] cover is lifted then we can resolve the issue of armed individuals,” he said.

Charbel said the incident was a result of shortcomings by the government and security forces but said political figures could no longer control their supporters who he said were heavily armed.

Read more: http://www.dailystar.com.lb/News/Politics/2013/Jan-18/202780-gunfire-roads-blocked-in-north-lebanon.ashx#ixzz2IR471dNs (The Daily Star :: Lebanon News :: http://www.dailystar.com.lb)


Hoe ver reiken Patriots? Over het bereik van de Patriotsystemen meldt nrc.next (8 januari) het volgende: ,,Defensie stelt officieel dat de Patriot PAC-3 niet hoger komt dan 20 kilometer en niet verder dan 60 kilometer. Onafhankelijke bronnen zeggen echter dat de PAC-3 meer kan: een ballistische raket op 30 kilometer hoogte raken en op 160 kilometer afstand gevechtsvliegtuigen en kruisraketten raken".

Naar aanleiding van de Turkijemissie werden feitelijke vragen gesteld over het effectieve horizontale en verticale bereik van de Nederlandse, Duitse en Amerikaanse Patriots. De regering schreef: ,,Het begrip 'effectief bereik' slaat op het bereik waarbinnen een onderschepping door een Patriotraket op effectieve wijze kan plaatsvinden. Dit gebied is vanwege de afstand van de locatie van de Nederlandse systemen tot aan de grens met Syrië beperkt tot Turks grondgebied".

Als de informatie van uw onafhankelijke bron klopt, dan is het antwoord van de regering op de feitelijke Kamervragen op zijn minst misleidend. Dat is relevant omdat hieruit volgt dat vanuit de huidige plaatsingslocatie een no-fly zone kan worden ingesteld boven Syrisch grondgebied.

Karel Koster (Wetenschappelijk bureau SP, Brieven, NRC.Next, 17 januari 2013.





Australia has effectively ruled out any contribution to arming the rebels. Mr Hague played down any suggestion of a difference of opinion between Australia and Britain, saying an end to the arms embargo merely gave "flexibility" to send life-saving equipment such as body armour or chemical detection equipment to the rebels."But how much we want to use that flexibility will depend on the situation. Our efforts are directed to a peaceful diplomatic and political solution in Syria. We don't believe there is a solution from the military victory of one side over another. That would leave Syria in an even more catastrophic position."Senator Carr said that Australia would present its plan for protecting medical workers and ensuring access to hospitals in Syria to the United Nations Security Council on Friday.

 David Wroe, 'Perfect storm' fears on Middle East', The Age (Melbourne, Australia), 18 januari 2013.


15 januari 2013

Recently, Sakr 122mm cargo rockets and their submunitions have been ‘Grad
’, or ‘hail’) and other 122mm systems such as the Chinese Type 81 SPRL and Egyptian RL-21 and RC-21 launch vehicles. These surface-to-surface multiple rocket launcher systems are not designed for precise fires, but instead target wide areas; this effect is, of course, even more pronounced when firing submunition-dispensing rockets from these systems. Despite multiple reports to the contrary, these munitions are not Iranian, but were produced in Egypt at the Sakr Factory for Development Industries, a subsidiary of the Egyptian Arab Organization for Industrialization(AOI). The AOI logo can be seen very clearly on the rocket in the video below, and the full name along with ‘Sakr Factory’ can be seen printed on the rockets in Arabic in the images at the bottom of this article.Van: 2013/01/15/sakr-122mm-cargo-rockets-submunitions-in-syria/ Zie ook: http://www.hrw.org/news/2013/01/14/syria-army-using-new-type-cluster-munition


14 januari 2013

Arm Syrian insurgents, says Rudd;  Australia-British talks

Former prime minister Kevin Rudd says the international community should consider arming Syrian rebels in a bid to end its bloody civil war.

But the Gillard Government flatly rejected the idea that Australia might help supply the weapons and said it was only willing to provide medical aid to the war's victims.

Mr Rudd's comments come before the British defence and foreign secretaries meet Defence Minister Stephen Smith and Foreign Affairs Minister Bob Carr in Perth this week for talks on, Iran and regional security.

Mr Rudd, who has previously called for stronger action against the Syrian regime, said the world should deploy all available options to save lives.

If that means relevant states with the capacity to provide to the Syrian national coalition to protect themselves, then so be it, Mr Rudd said.

Last week, British Foreign Secretary William Hague said he would lobby the European Union to lift an Syria, which could open the way for Britain to provide weapons to Syrian rebels.

Syria is well past the point of being a humanitarian crisis, it is on the road to becoming a crime against humanity, Mr Rudd said.




12 januari 2013


BEIRUT: A Syrian rebel group that the US has labelled an affiliate of al-Qaeda in Iraq appears on the verge of overrunning a government airbase used to launch helicopter strikes against rebel-held areas in Syria's north.

According to the London-based Syrian Observatory for Human Rights, the offensive at Taftanaz, an airbase near the road that links the Syrian cities of Idlib and Aleppo, is being led by the Nusra Front, which the US State Department designated a terrorist organisation last month.

Ahrar al-Sham, another rebel group that, like the Nusra Front, wants to establish an Islamic state in Syria, is participating in the offensive, according to its internet postings.

A US State Department spokeswoman, Victoria Nuland, offered an upbeat assessment of the rebel advance on Thursday, saying the likely takeover of the base was a sign the abilities of the ''armed opposition'' were growing.
She did not acknowledge in her remarks the assault on the base was spearheaded by the Nusra Front. State Department spokesmen did not respond to later requests for comment.

The latest fighting came as Britain said it would urge the European Union to ''amend'' its arms embargo on Syria to allow equipment such as body armour and chemical detectors to be given to the rebel alliance.
Last November, Britain ensured that the EU arms embargo on Syria was extended for only three months instead of a year.

The British Foreign Secretary, William Hague, said when this measure comes up for renewal before March 1, it should be watered down to allow the option of supplying a broader range of non-lethal equipment.

''We should send a strong signal to [Syrian leader Bashar al-] Assad that all options are on the table. We will therefore seek to amend the EU sanctions so that the possibility of additional assistance is not closed off,'' he said.


Read more: http://www.canberratimes.com.au/world/rebels-linked-to-alqaeda-set-to-take-syrian-airbase-20130111-2cl7s.html





8 januari 2013

Salih Musallam, head of the Kurdistan Democratic Union party, which actually holds the reins of power on the ground in the Kurdish areas in Syria, said:

"We, the Kurdish people, were part of the Syrian revolution and are still in revolt against the Syrian regime. From the beginning, the Kurds made the decision to stick to a peaceful revolution while reserving the right to defend themselves. This is what we have been doing in our areas up to this day. Tens of thousands took to the streets and still take to the streets in peaceful demonstrations in our areas. When the Syrian regime forces attacked the demonstrators, we defended our people and many of our people were martyred. Our basic decision was to refuse arming the demonstrators because we realized from the beginning that if we waged an armed revolution while the Syrian authorities and security agencies had all types of weapons at their disposal, they would handle the demonstrators and protesters with utmost savagery. In terms of weapons, we were the weaker party and we were convinced that if we entered armed struggle against the regime, we would certainly need a foreign power to supply us with arms. We avoided this because we did not want others to impose on us their will and agenda as is happening today. It was not our fault, but the fault of the other party. The party in the Arab areas was unable to maintain the peaceful nature of the revolution, and some parties, particularly Turkey, succeeded in dragging the rebels to the current situation. Turkey succeeded in making the peaceful revolution deviate from its path. What is happening today is deviation by the revolution from its path and turning into a struggle for power. This situation makes us fear the future. The revolution no longer demands freedom and democracy; it is now struggle for power. There are people who want a dictator to quit to replace him with another dictator."
BBC Monitoring Middle East (part of text of report by Saudi-owned leading pan-Arab daily Al-Sharq al-Awsat website on 5 January)






De drie No's. De Syrische Saraa Saleh studeerde architectuur in de havenstad Latakia in het westen van Syrië. In 2001 kwam ze naar België om te studeren aan de KU Leuven, waar ze een master en later een doctoraat over Romeinse amfitheaters in Syrië behaalde aan de faculteit oosterse studies. Nu werkt ze aan de faculteit Arabistiek en Islamkunde en het Instituut voor Levende Talen van de KU Leuven. Sinds 2006 woont ze met uitzondering van de zomermaanden permanent in België. MO* sprak met haar over de situatie in Syrië: 'Ik geloof in de drie No's: neen tegen tirannie, neen tegen geweld en neen tegen buitenlandse (militaire) interventie.'











4 januari 2013

Smuggled Gaza-Bound Missiles US-Made? Maybe Not

Egyptian authorities say that the six anti-tank and anti-aircraft missiles they seized from alleged smugglers headed for Gaza were of U.S. origin – but weapons proliferation experts cast doubt on the claim.The weapons, which were intercepted in the Sinai desert, were believed to have come from Libya and to have been manufactured by U.S. firms, Egyptian security sources told reporters.

But Peter Bouckaert of Human Rights Watch, who tracked weapons in Libya after the fall of Gadhafi, said he "was not aware of any American weapons in Libya neither from the days of Gadhafi nor under the rebels."

"This is probably a misidentification of weapons systems, confusing weapons made by NATO allies such as France and Italy with U.S.-made weapons," said Bouckaert.

dinsdag 3 april 2012


Militaire operaties: hou ze klein en onzichtbaar

Een beperkte militaire inzet die te klein is om de aandacht in de media te trekken, kan meer succes hebben dan een grootschalige militaire operatie die permanent het onderwerp is van politieke profilering.”

Dit is de conclusie van een essay uit de Militaire Spectator, vakblad voor militair kader, van december 2011. Het heeft een opmerkelijke ondertitel: “De relaties tussen het aantal in te zetten militairen, democratische besluitvorming en de media” en is geschreven door lt. Kolonel Claessen. Claessen is een Belgische militair werkzaam op de afdeling Strategie van de Belgische Defensiestaf.

Het is vrijwel onvermijdelijk dat Irak, maar ook de Vietnamoorlog in een dergelijk artikel van stal wordt gehaald: “Om een dergelijk gedwongen terugtocht te vermijden moeten democratische regeringen daarom een strategie hebben die hen beschermt tegen de effecten van politieke en maatschappelijke verdeeldheid op het verloop van een conflict.” De bevolking zal doorgaans de hoge kosten die gepaard gaan met een langdurig conflict niet blijvend steunen. Dat blijkt in beide gevallen. Regeringen kunnen dan niet de democratie opzijzetten of alle energie gebruiken voor het doordrukken van een blijvende interventie. Er zijn dan eigenlijk maar twee opties over: een beslissend gevecht organiseren of low profile operaties.

De term Low profile operaties is oude wijn in nieuwe zakken. In de jaren tachtig werden dergelijke operaties geschaard onder de term Low Intensity Conflict (LIC). LIC is bekend geworden door operaties in Nicaragua, El Salvador en op de Filipijnen tegen het linkse verzet. De kleinschalige inzet in El Salvador toonde volgens Claessen het succes van een dergelijke benadering aan: “De 55 Amerikaanse militairen in het land boden geen enkele bescherming tegen de rebellen. De junta had ook geen andere keuze dan in te gaan op de Amerikaanse eisen.” Ze zouden anders geen munitie en wapens meer krijgen en verliezen van het verzet. De huidige kleinschalige militaire operaties in Colombia en de inzet in de Filipijnen in het kader van Operation Enduring Freedom (OEF) worden door Claessen als positief vervolg op El Salvador genoemd. Het gaat bij die operaties om kleinschalige inzet van nog geen honderd specialistische militairen. Training, opleiding en advies  moeten leiden tot een leger dat afhankelijk is van steun en daarom medewerking zal verlenen aan de politieke doelstelling van het interveniërende land, zoals in El Salvador gebeurde.

---

Dit jaar deden Nederlandse special forces mee aan de operatie cq. oefening Flintlock in Noordwest Afrika. Flintlock is onderdeel van de Amerikaanse OEF-operatie. De Nederlandse deelname aan deze oefening werd blootgelegd door vijf studenten die deelnamen aan een cursus onderzoeksjournalistiek. Hun onderzoek leidde tot Kamervragen, diverse media putten uit hun onderzoek voor verdere publicatie. Het onderzoekswerk van de studenten weerspreekt de stelling uit de Militaire Spectator: ook kleine operaties kunnen onderzocht worden en een militaire actie 'politiek profileren'.

---

In het maartnummer van de Militaire Spectator staat: “(…), de besluitvormingsprocedure voor speciale operaties en de grote mate van geheimhouding biedt de regering een relatief eenvoudige mogelijkheid tot inzet van een grote missie met een robuust mandaat.” Dat schrijven Martijn van der Vorm (auteur van een boek over de commando's) met twee militairen die aan commando operaties in Afghanistan deelnamen. De informatie over inzet van commando's of special forces wordt in een besloten bijeenkomst aan de fractievoorzitters gegeven, vergelijkbaar met de Commissie Stiekem (de commissie die gaat over inlichtingendiensten). Dat kan ook pas achteraf zijn. Zo wordt de Tweede Kamer gedeeltelijk buitenspel gezet bij controle op Nederlands militair optreden. Dit beleid is vastgesteld door toenmalig minister van Defensie Frank de Grave, in een brief uit 2000. Ook in deze procedure weer die geheimzinnigheid en gebrekkige controle.

Ik word niet vrolijk van dergelijke creatieve oplossingen buiten de democratie om. Vooral omdat ze ook nog blijken te werken ook. Er is relatief weinig politieke en publieke aandacht voor de operaties van de commando's in Afghanistan, stellen schrijvers Van der Vorm et al. Maar anders dan deze schrijvers meen ik dat dit een slechte zaak is. Het militair apparaat is de gewapende tak van de Staat. Die Staat moet worden gecontroleerd door het Parlement en dat moet daarbij zoveel mogelijk geïnformeerd worden. Niet beperkt. Ook niet als het net even iets moeilijker ligt. Een Staat bestieren is geen spelletje voor het kabinet, sceptische parlementariërs en onderzoeksjournalisten, maar een serieuze kwestie voor volwassen mensen. Klinkt dit naïef? Dat zal wel. Maar als je gewoon in het openbaar je strategieën om buiten de spotlights te blijven kan opschrijven, mag ik dan een klein beetje argeloos zijn?

Low profile operaties zijn “gebaseerd op het feit dat een militaire deelname aan een conflict onbeperkt kan worden volgehouden indien de pers en het electoraat er geen interesse in hebben,” schrijft Claessen. Sceptische journalisten en onderzoekende parlementariërs zijn gewaarschuwd: je kan lezen hoe je bedonderd wordt. Militairen kunnen zo brutaal worden bij de gratie van dat niemand ze een voet dwars zet. Speciale troepen worden belangrijker in de Nederlandse krijgsmacht; ze vallen zelfs buiten de bezuinigingen. Misschien tijd om te kijken of ze ook meer in het openbaar gecontroleerd kunnen worden en niet een excuus vormen voor een gemakkelijk ontsnappingsroute weg van de parlementaire controle bij militaire inzet.

Martin Broek

Geschreven voor Konfrontatie

vrijdag 14 januari 2011

Wapenhandel in de tweede helft van 2008; Saoedi-Arabië

Gelegen in een grote zandbak zwaaien islamisten van een kwalijk allooi er de scepter. Oliedollars gaan de wereld over om religieuze bondgenoten in de vreemde te steunen. Je zou zeggen: Saoedi-Arabië is speerpunt nr. 1 in de strijd tegen religieus fanatisme en voor democratie en vrouwenrechten. Dat is echter te simpel.

Saoedi-Arabië heeft een nogal tweeslachtig karakter. Die positie in de wereld van geld, macht en internationale politiek is prachtig samengevat in ‘De Loopgraaf’, een deel in de trilogie ‘Steden van Zout’ van Abdelrahman Munif, over de ontstaansgeschiedenis van het land.* De les: “hoe belangrijker een land wordt hoe minder het zijn eigen politiek kan bepalen,” wordt door de elite in Saoedi-Arabië goed verstaan. Het is daarom ook een bondgenoot van het Westen. Het staat toe dat Amerikaanse militairen er gelegerd zijn; en het koopt zijn wapens op de Westerse markt.

Jaap de Hoop Scheffer in zijn functie van minister van Buitenlandse Zaken was niet gecharmeerd van die wapenleveranties. Toch gaan ook in 2008 gaan weer wapens naar Ryad. Een aantal keren gaat het om radaronderdelen en ook gaan delen voor juist een vliegsimulator naar Saoedi-Arabië. Die laatste gaan via Engeland, waar de simulator waarschijnlijk wordt geassembleerd.

Andere landen in het Midden-Oosten en de Arabische wereld die uit Nederland wapens ontvangen zijn: Egypte, Israël, Jordanië, Libië, Oman, Qatar, Turkije, Verenigde Arabische Emiraten en Oman. Dat laatste land ontvangt in financiële omvang de grootste levering: Onderdelen voor een commandosysteem ter waarde van 87 miljoen euro.

land Wapensysteem miljoen euro
Venezuela Radarsystemen 256
  Portugal  Fregatten  240
 Duitsland  Programmatuur en technologie voor pantservoertuigen  100
 Griekenland  Vuurleidingsradar  95
 Bron: Maandrapportages militaire goederen 2008 juli-december


* Een Nederlandse vertaling van het boek door Abdurahman Munif is er gek genoeg nog steeds niet.